In ’t kort:
De “fold” (het deel van een website dat je ziet zonder te scrollen) is niet dood, maar ook niet heilig. Mensen scrollen wél, maar beslissen boven de fold of het de moeite loont. De sleutel is dus niet alles boven de fold proppen, maar bezoekers prikkelen om verder te scrollen. Goede content wint altijd.
Ik wil het graag hebben over de “fold”, een term die in drukwerkdesign al decennialang gebruikt wordt voor het gedeelte van een krant of folder dat zichtbaar is zonder interactie, zonder een pagina om te slaan of zelfs maar de krant open te vouwen. Voor het gemak – en ook een beetje omdat ik niet zoveel te zeggen heb over drukwerk in vergelijking met collega’s Robbe en Laurence – zal ik me hieronder focussen op de digitale fold op websites. Ofwel: Het gedeelte dat zichtbaar is vanaf het inladen van de webpagina, voor er interactie nodig is van de bezoeker.
De hardnekkige mythe is dat mensen te lui zijn om verder te kijken, dat we alle informatie best snel onder onze neus krijgen, het liefst nog voor enige interactie nodig is. Zo genereren we het snelste leads, kliks en follows. Maar is dat wel zo? Scrollen is gratis, toch? Vinden we dat echt zo erg?
“One scroll takes less than a hundredth of a millisecond of the energy your body burns just to stay alive.”
– ChatGPT (expert in het menselijke metabolisme)
De fold is dood
Magazines, webdesignfora en experts allerhande kibbelen al decennialang over de fold, kliks en scrollen. Het vraagt niet veel zoekwerk of elke mening passeert de revue. Kliks zijn dood, scrollen is dood, de fold is dood, het gaat maar door.. In het kader van een interne opleiding dook ik dan maar eens door de begraafplaats van alle interactietypes om na te gaan wat de cijfers zijn, en wat er dus écht van aan is.



De realiteit
Het resultaat? Het is ingewikkeld, maar er valt een duidelijke conclusie te trekken. Uit een groot onderzoek van UX-bureau Nielsen Norman blijkt dat bezoekers toch het meeste tijd (57%) doorbrengen boven de fold, vóór het scrollen. Maar de reden is genuanceerd, zo blijkt uit de bijhorende interviews: mensen beslissen daar vaak of ze überhaupt verder gaan scrollen. De oplossing is dus niet simpelweg álle content boven de fold plaatsen. Het gaat erom interessante content te bieden en bezoekers boven de fold te verleiden die content verder te ontdekken. Bovendien, een vorige versie van het onderzoek zag nog 80% van de activiteit boven de fold, dus we slagen steeds vaker in die opzet.
Kortom: Er is geen hard bewijs dat mensen niet scrollen omdat ze afkeer van scrollen hebben. Moderne gebruikers zijn gewend te scrollen (het is tenslotte de basis van alle sociale media-feeds). Wat vooral de aandacht bepaalt, is of de content intrigerend en relevant is.

Hoe moet de fold eruitzien?
Inhoudelijk is hier geen richtlijn in te geven, het hangt te zeer af van project tot project, het eerste beeld van een informatiepagina rond industriële apparatuur vraagt een heel andere aanpak dan de website van een evenementenbureau. Niet alleen het onderwerp is anders, ook de doelgroep en wat deze bezoekers zal aanzetten tot het verder ontdekken van de pagina.
Wel zijn er enkele duidelijke do’s en don’ts:
DON’T: The illusion of completion
Gebruik geen schermvullend beeld zonder breeklijn of hint wanneer er gescrold kan worden. Doe je dat wel, dan loop je het risico dat bezoekers niet doorhebben dat er onder de fold nog content te ontdekken valt.

DON’T: Het scroll-icoontje
We zijn hier net zo schuldig aan als alle andere webontwikkelaars, het is de gemakkelijke oplossing én het is duidelijk. Maar niet de creatieve of gebruiksvriendelijkste optie. If you have to explain it, it ain’t working.


DO: Een duidelijke breeklijn
Laat je hoofding stoppen vóór het einde van het scherm. Beter nog, start met de content maar laat die van het scherm aflopen. Niet alleen duidelijk dat er nog content volgt, maar meteen ook al een voorproefje.

DO: Een subtiele hint
Het beste van alle werelden, gebruik toch een volwaardige hoofding, maar laat de content even langs de fold piepen om duidelijk te maken dat er meer is. Duidelijk én mooi.
De fold is het deel van een webpagina dat zichtbaar is zodra de pagina geladen wordt, zonder dat de gebruiker hoeft te scrollen. De term komt oorspronkelijk uit de wereld van kranten en drukwerk, maar wordt vandaag vooral gebruikt in digitale context.
Nee. Er is geen hard bewijs dat mensen scrollen vermijden. Integendeel: moderne gebruikers scrollen voortdurend, vooral dankzij sociale media. Wat wel klopt, is dat ze boven de fold beslissen of het de moeite loont om verder te scrollen.
Uit onderzoek van Nielsen Norman blijkt dat ongeveer 57% van de kijktijd boven de fold plaatsvindt. Niet omdat mensen daar alles willen lezen, maar omdat ze daar beoordelen:
-
Is deze pagina relevant voor mij?
-
Begrijp ik wat ik hier kan vinden?
-
Wil ik verder ontdekken?
Nee. Dat is een hardnekkige misvatting. De fold is geen opslagplaats voor álle info, maar een verleidingszone. De taak van content boven de fold is niet om alles te vertellen, maar om nieuwsgierig te maken.
Enkele bewezen principes:
-
Een duidelijke breeklijn: laat titels of visuals stoppen vóór het einde van het scherm.
-
Content die doorloopt: begin al met de volgende sectie zodat die “afloopt” van het scherm.
-
Een subtiele hint: een glimp van extra content net onder de fold combineert duidelijkheid met esthetiek.
Van de jommekeskrant tot hypermoderne websites; de auteur van dit artikel, Pieter, leest altijd voorbij de fold.